thema:

Uitnodiging

Vertaling:

Nu is het zover. Nu moet het gevierd worden. Het moet nu eindelijk gevierd worden. Nu moet je haar goed zitten. Nu moeten de gasten komen. Nu moet de muziek inzetten. Het buffet is geopend.

Het moet nu eindelijk gevierd worden. Er is een aanleiding. Neem buitenspullen mee. Neem zwemspullen mee. Je wordt thuis gebracht. Dat spreekt vanzelf. Nu is het tijd voor een feestje. Thema: jaren ’20. Thema: jaren ’50, thema: jaren ’60, thema: jaren ’80, thema: de ruimte, thema: mafia. Het belangrijkste is dat je erbij bent. Neem je genantste kledingstuk mee, neem je eerste single mee, neem je ex mee. Nu moet er toch eens gefeest worden. Beachparty voor mijn part, schuimparty voor mijn part, school-is-uitparty, releaseparty, pyjamaparty, voor mijn part een reclaim-the-streets-party, een reclaim-your-feet-party, voor mijn part een gemaskerd bal. Nu moet er eindelijk gefeest worden. Vandaag is het tenslotte oud en nieuw, vandaag is het Walpurgisnacht, vandaag is het sinterklaas en Halloween en carnaval en iedereen is jarig. Overal slingers en overal slingers en ook de gewenste avondkleding. Nu is het tijd voor een feestje. Het is gala-avond. Het is de Nacht der Nachten, het slotbal, het operabal, het debutantenbal, de prijsuitreiking. Het orkest dat walsjes speelt, de band die smooth jazz speelt, swing, broodjes zalm, de piramide van champagneglazen, het is er allemaal, de cocktailjurk die past, de smoking die past, de parketvloer die glanst maar niet lang meer. Het is er allemaal. Gala-avond, de Nacht der Nachten, de band die samba speelt, er is Mojito, het is er allemaal, en er is Caipirinha, en er zijn haren nat van het zweet, en schouders nat van het zweet, en er is zweet dat van het plafond druipt. Het is gala-avond. Drum en Bass en Rhythm en Blues en French en House en Big en Beats en Break en Beats en Latindub en Datapop en Rare Grooves en Common Grooves en Charts en Hiphop en megahits uit drie decennia, minstens. Van onderen heb je gympies, dat is er, in het midden is de buik vrij en van boven komt geen verstandig woord. Dat is er allemaal.

Nu moet er gefeest worden. Nu moet er eindelijk gefeest worden. In de woning moet gefeest worden, in het park moet gefeest worden, op het dak moet gefeest, op het strand, als je kunt, in het gemeentehuis, als je durft, in het tuinhuisje, als je wilt, op de berg moet in elk geval gefeest worden en op straat. Nu moet er gefeest worden in de kelder, in het oude officierscasino, op de binnenplaats moet gefeest worden,

in de onbewoonde villa, nu moet er eindelijk gefeest worden in de tuin, aan het meer, in het waterloze overdekte zwembad, op de planken moet gefeest worden, tussen stalles en parterre moet gefeest worden, in de crypte en ook in het bos. Het is de hoogste tijd.

Bring a bottle, bring a friend, neem voor mij je goede humeur mee, want het is het klassefeest, want het is het eindexamenfeest, het is pannebier, het is hengstenbal, het is de bruiloft. Nu moet er verdomme toch eens een keer gefeest worden.

En ja, ik wil uitnodigingen op glanspapier, en ja, ik wil routebeschrijvingen, ik wil in elk geval op de gastenlijst staan, ik wil de taxi bestellen, ik wil carpoolen. Ik wil overhemden, jurken, broeken en rokken gepast hebben voor de spiegel, met harde muziek erbij, ik wil vriendinnen en vrienden als juryleden op het bed zien zitten, hoofdschuddend en hoofdschuddend en hoofdschuddend en met de handen naar het hoofd grijpend, ik wil dan eindelijk de duimen omhoog, het liefst allebei, ik wil luchtgitaren en deorollermicrofoons. Ik wil gel in het haar, haarlak in het haar, glitter op het gezicht. Ik wil lippenstift, kajalpotlood, mascara. Ik wil scheerschuim.

En natuurlijk wil ik dat iedereen komt, liever nog, dat iedereen er al is, ik wil het lachen al horen in het trappenhuis, op straat al, als het kan, ik wil omhelzingen, ik wil kussen langs de wangen, ik wil voorgesteld worden. Vanzelfsprekend wil ik dat er gedanst wordt. Vanzelfsprekend wil ik dat er meegezongen wordt. Met de ogen dicht, met de ogen open, met de armen in de lucht. Ik wil dat er wild gevreeën wordt op de banken, op de keukenvloer. Ik wil verstrengelde lijven. Ik wil geschreeuw uit de badkamer horen. Ik wil trouwens ook schuifelen. Ik wil rodewijnvlekken op het tapijt, ik wil glasscherven en kartonnen bekers en kartonnen bordjes en plastic vorken. Ik wil pastasalade. Ik wil tomatensalade. Ik wil aardappelsalade. Ik wil chili con carne, sin carne, ik wil pizza en quiche en knakworstjes. En krentjebrij. Ik wil bier in bad, bier op het balkon. Ik wil namen met viltstift op cd-hoesjes geschreven zien. Ik wil hifisets, en ik wil een rij voor de plee. De sigarettenpeuken wil ik op de halflege borden, in de bierflesjes, op de schoteltjes. Ik wil briefjes voor de buren in het trappenhuis zien. Kan geluidsoverlast geven, staat erop. Kom ook langs, staat erop. Ik wil dat het geluidsoverlast geeft. Ik wil dat ze echt langskomen. Ik wil tenslotte dat iedereen komt.

Want nu moet er gefeest worden, zeg ik tegen Hannes. Je moet het feesten niet aan de verkeerden overlaten, zeg ik tegen Hannes. Nu moet er eindelijk gefeest worden, omdat niks anders meer helpt, omdat er een keerpunt moet zijn, een afloop, een afsluiten, een streep eronder, een goedmaken en weer verder zien, zeg ik tegen Hannes, en Hannes knikt en steekt een sigaret op. En ook moet er nu gefeest worden, zeg ik, omdat het anders verwatert, omdat alles anders open blijft, omdat je telefoonnummers weer moet opzoeken, omdat je koffie gaat drinken, omdat je voor dinsdag over twee weken afspreekt, voor een middag, voor een avond, omdat je elkaar bij het ontbijt ontmoet, bij dat altijd moeizame ontbijt, omdat je elkaar boeken teruggeeft, omdat je je schoenen aanhoudt, omdat je je afvraagt of de laatste metro nog gaat, er moest gefeest worden omdat van uitstel afstel komt, omdat de kogel door de kerk is, omdat het neutraal terrein is, omdat er vragen worden gesteld, omdat er antwoorden worden gegeven, omdat er gezegd wordt dat het leuk zou zijn om elkaar te zien, omdat er gezegd wordt: Ik moet er weer eens vandoor, omdat er gezegd wordt: Nee, ik kom naar huis, omdat er gezegd wordt: Doe Andreas de groeten. Er moet nu gefeest worden, omdat juist dat een goede gelegenheid is, omdat het gebrek aan gelegenheid een gelegenheid is, en Hannes knikt en zegt: Akkoord.

Nu moet er gefeest worden, en iedereen wordt uitgenodigd, leg ik hem uit, iedereen die we ooit zijn tegengekomen, ja ik weet het, we moeten alle telefoonnummers nakijken, we zullen de adressen moeten checken, we moeten bij vrienden van vrienden navraag doen, maar die worden meteen ook allemaal uitgenodigd, de vrienden, en de vrienden van de vrienden, en de vrienden van de vrienden van de vrienden, en dat is toch een prikkel. En we nodigen alle broers en zussen ook uit, en de ouders, en de grootouders, en hun bridgepartners en hun verplegers en bijstandsgerechtigden met individueel reïntegratietraject mogen ook meekomen als ze daar zin in hebben, en ook hun vriendinnen. En Hannes zegt, dat we die vriendinnen weer moeten ontuitnodigen, anders wordt het te vol, en ik sta op de vriendinnen, en Hannes stelt voor om een boot te huren zodat niemand vroeg weg kan en we ruziën er een beetje over in hoeverre dat dwang in de zin der wet zou zijn, worden het er ten slotte over eens dat de boot eens in de drie uur een keertje aanlegt. Hannes wil naambordjes, ik zeg: Akkoord. Hannes wil een tombola, en ik zeg: Akkoord. Hannes zegt: Over de details kunnen we het later hebben, eerst maar een begin maken, en ik zeg: Wacht even, nu meteen? Hannes haalt zijn schouders op, hij heeft momenteel toch niks anders te doen, ik wel soms? En ik zeg: Nee, eigenlijk niet.

Oplossingen bedenken is niet heel erg moeilijk. Oplossingen zijn er veel, misschien zijn er zelfs meer oplossingen dan problemen, dat zou me niets verbazen. Maar het stomme is dat oplossingen weinig helpen. Het stomme is dat oplossingen je alleen maar telkens weer aan het probleem blijven herinneren. Het stomme is dat met een oplossing het echte probleem pas begint.

Hannes kijkt me aan, wat gaan we dan doen, vraagt hij. Okee, zeg ik. Okee. We beginnen met de uitnodigingen, we beginnen met lijsten maken, we beginnen met namen verzamelen. Ik sta op om iets om mee te schrijven te pakken. Heb je genoeg papier, vraagt Hannes. Ik denk het wel, zeg ik.

 

___________

Tilman Rammstedt (1975) studeerde filosofie en literatuurwetenschap. Na zijn debuut, de verhalenbundel Erledigungen vor der Feier (2003), publiceerde hij drie romans Wir bleiben in der Nähe (2005), Der Kaiser von China (2008) en Die Abenteuer meines ehemaligen Bankberaters (2012). Rammstedt is ook tekstschrijver en ‘slechtste muzikant’ van de band Fön en vast lid van de Lesebühne “Visch & Ferse”. Hij woont in Berlijn.

Erik Bindervoet (1962) en Robbert-Jan Henkes  (1962) vertaalden onder meer Tarkovski, Mariëngof, Joyce, De Quincey, Stanshall en Shakespeare. Samen maakten zij Platforum, “een onregelmatig maar geregeld verschijnend literair-maritiem-filosofisch tijdschrift voor expliciete lyriek, poëzie, vertalingen, tekeningen en kennisvelden die in de belangstelling staan.”  Ze vertaalden liedteksten van Bob Dylan en The Beatles en wonen in Amsterdam.

 

 

Over de auteur:

Over de vertaler: