Blog | Erik Lindner, september 4, 2014

Gerrit Kouwenaar (1923-2014)

Gerrit Kouwenaar - fr

 

Terras rouwt om de dood van van Gerrit Kouwenaar. Voornamelijk als dichter maar ook als vertaler was hij onmisbaar. Zijn bundel Totaal witte kamer (Querido, 2002) sloot af met de volgende twee regels:

Nu nog iets eetbaars, bloedbeuling witbrood
dan eindelijk slapen, zwart is de mode –

Gerrit Kouwenaar, dichter, vertaler, publiceerde met regelmaat in Raster. In het eerste door H.C. ten Berge samengestelde nummer (april 1967) stonden ‘Zes rose gedichten’. Acht gedichten onder de titel ‘De rose gedichten’ zou Kouwenaar twee jaar later opnemen in de bundel 100 gedichten.

(…) in een hangmat
van napalm verdedig ik

het kwetsbare thuisfront

Het was even eigentijdse als Kouwenariaanse poëzie, ‘deze dij ruikt naar korea / zei de blinde oud-strijder / bijgenaamd neushoorn / zich voedend met vuur / water en zout’. Kouwenaar stond in de allereerste Raster naast Jacques Hamelink, Riekus Waskowsky en J.J. Oversteegen. Hetzelfde jaar publiceerde hij opnieuw in Raster, oktober 1967, geflankeerd door Hans Faverey. In de jaargangen die erop volgden publiceerde hij een of tweemaal per jaar gedichten.

Toen Raster in 1977 opnieuw werd opgericht, stond in het eerste nummer opnieuw een serie gedichten van Kouwenaar, ‘Materiaal’. Kouwenaar zou in de daaropvolgende veertig jaar tot vijftien maal toe in Raster publiceren. Het gedicht ‘Een eter in het najaar’, waarnaar hij een keuze uit eigen werk genoemd heeft, verscheen in Raster 40.
In gesprek met Bernlef, in Raster 7, liet Gerrit Kouwenaar weinig heel van het literatuuronderwijs op de middelbare school.

Kouwenaar trad ook op als vertaler, Raster 23 publiceerde de fragmenten van Henri Michaux die hij vertaalde voor het Stedelijk Museum in Amsterdam.

Het roemruchte polemische nummer 32, Poëzie en kritiek, samengesteld door Hans Tentije, opende met vier gedichten van Kouwenaar, waaronder ‘Het ogenblik: terwijl’:

Na het ogenblik het ogenblik: terwijl de vogel
opschrikt ontstaat zij: een vogel

het gegeven horloge verplettert het ei
daarboven geen letter, de lucht is vrij

een lichaam lang snelle stilstaande regels, terwijl
de vorm zich ontvalt, het eten zich eet

terwijl het schrijfblok zich uitvindt
staat er te lezen: dit boek
heeft men nooit geschreven, overdoen
moet men dit leven –

Tot laat bleef Gerrit Kouwenaar gedichten in Raster publiceren, ‘a happy childhood’ in nummer 81, het titelgedicht van ‘Totaal witte kamer’ in het nummer ‘Nieuwe gedichten’, Raster 89.

Zie verder:

Kim Andringa over het vertalen van een gedicht van Gerrit Kouwenaar

H.C. ten Berge schreef twee gedichten voor Gerrit Kouwenaar

Erik Lindner (1968), dichter en criticus. Recente publicatie: Terrein (poëzie, 2010) en Naar Whitebridge (roman, 2013). In het Duits verscheen Nach Akedia (poëzie, 2013). www.eriklindner.nl