thema:

Ik dank u God

Vertaling:

Ik dank u God, dat u mij Zwart hebt geschapen

dat u van mij

de som van alle leed hebt gemaakt,

en dat u de Aarde

op mijn hoofd hebt geplaatst.

Ik heb de vacht van een Centaur

en ik draag de Aarde vanaf de eerste morgen.

 

Wit is een gelegenheidskleur

zwart, de kleur van alle dagen

en ik draag de Aarde vanaf de eerste avond.

 

Ik ben blij

met de vorm van mijn hoofd

gemaakt om de Aarde te dragen,

ik ben tevreden

met de vorm van mijn neus

die alle wind van de Aarde moet opsnuiven,

voldaan

over de vorm van mijn benen

klaar om alle paden van de Aarde over te rennen.

 

Ik dank u God, dat u mij Zwart hebt geschapen,

dat u van mij

de som van alle leed hebt gemaakt.

Zesendertig zwaarden hebben mijn hart doorboord.

Zesendertig vlammen hebben mijn lichaam verbrand.

En mijn bloed heeft op alle lijdenswegen de sneeuw rood gekleurd,

en mijn bloed heeft bij alle zonsopgangen de natuur rood gekleurd.

 

Ik ben niettemin

blij dat ik de Aarde draag,

blij met mijn korte armen

met mijn lange armen

met de dikte van mijn lippen.

 

Ik dank u God, dat u mij Zwart hebt geschapen,

wit is een gelegenheidskleur

zwart, de kleur van alle dagen

en ik draag de Aarde sinds de dageraad van de tijden.

En mijn lach op Aarde, in de nacht, schept de Dag.

 

Ik dank u God, dat u mij Zwart hebt geschapen.

Over de auteur:

Bernard Binlin Dadié, geboren in Ivoorkust in 1916, roman- en toneelschrijver en dichter. Onafhankelijkheidsstrijder tegen het Franse regime. Van 1977 tot 1986 was hij Minister van Cultuur van Ivoorkust. Zijn gedicht 'Dry your tears, Africa' is op muziek gezet en gebruikt voor de film Amistad (1997) van Steven Spielberg. Dadié stierf in Abidjan op 9 maart 2019.

Over de vertaler:

Han van der Vegt (1961) is dichter en vertaler. Met Onno Kosters vertaalde hij District & Circle van Seamus Heany. In 2017 verscheen zijn vertaling van Omeros van Derek Walcott. Hij is op dit moment bezig met een dichtbundel die Eenzame goden gaat heten, en een sciencefictionroman over Julius Caesar.