Ondergronds
I Doodsbang rende ze over het spoor. Het schommelen van haar enorme buik van acht manen zwangerschap kon ze amper in toom houden. Achter zich hoorde ze het geluid van een brekend bot. Ze hoefde zich niet om te draaien om te weten wat er gebeurd was. Twee grote stappen eerder had ze op een kapotte dwarsligger getrapt. Haar stiefzoon rende achter haar, en zijn voet was erin blijven steken. Idioot. Hij liep vast uit de pas. Tot vervelens toe was het herhaald: “In de pas blijven, degene voorop geeft de pas aan, niet uit de pas raken, zodat er maar één is die gevaar loopt als je niet goed kunt zien”. Zonder achterom te kijken wist ze dat hij met een gebroken been tussen de rails lag. Ze hoorde hem kermen, kennelijk was hij niet buiten westen geraakt. Des te erger voor hem, hij zou de pijn moeten … lees meer