thema:

Muck

Vertaling:

(AD)

 

Hey, we waren zelf maar halfanalfabeten:  

we wilden koers zetten naar Mull, niet 

naar waar de gezegende Kevin ons afleverde 

een stinkend gat dat helemaal geen woorden had. 

 

Het was rond het jaar punt- nog voor 

MacBrayne en het gebroken ijs, nog voor 

Colum en Camelot, wier annalen schaatsten 

Over onze mislukte poging richting Muck –  

 

Toen de oproep kwam (ik hoorde hem niet) 

om ons los te maken van de Ulster dak- 

En-taart mentaliteit en ver weg te gaan werken. 

Dus gingen we maar, in wastobbebootjes, 

 

en zeilden kustwaarts voor een uur of zo, op een 

zwart op zijn kant gezet rotsbord, beslijkt 

door zee-korstmos en schuimende poelen 

vol schuitvliegen en krabwater. 

 

Geen bomen, toen. Geen welkom hetende mannen 

noch vrouwen. Maar aan het eind van een ruiterspoor 

vonden we een imitatietempel – bestaande 

uit een paar rechte palen gedecoreerd met spoelhout, dat  

 

toen we naar ze afdwaalden, ontdaan leek 

van een tekst of runen om hun doel te verkondigen, 

om hun zegje te doen in vis. (‘Dat is een 

van onze symbolen,’ zei Kevin langzaam.) 

~ 

De eerste was grof, als heilig kruisbeeld 

hing een haai waar Christus had zullen zijn. 

De dwarsbalk van de tweede, deinend, 

Wit en walgelijk, was drie keer gedeeld 

 

door dolfijnensprongen en – duiken, terwijl elk 

van de rijzende horizontalen van de volgende, 

gekerfd met gekrabbel van een zwerver of een ketter, 

was een visbuikvormige balk: de afschuwelijkste gezien 

 

de boog van een meerval – maar genaderd, zagen we 

hoe dit allemaal was gemaakt van een onderkaak, 

de centenbak van een os. Dit drietal had kunnen lijken 

op een werkstuk van schoolkinderen, behalve dan 

 

dat de groep kruizen, mits we het kruizen mogen noemen 

zo geweldig kundig was neergezet  

in silhouet, tegen e ondergaande zon 

haar lux in embro; of de blekere maan. 

 

De vierde was apart geplaatst. Hij torste 

De rode achterste helft van een speelgoedtractor, geknoopt 

Rond de hals van een paal, en aan de ruggengraat vastgebonden 

een thermosfles, bedoeld om de middag te doorstaan… 

 

-de cairn eronder was doorstoken, een keer, 

met een plastic helm – die onderhand gebleekt was 

van oranje naar limoen of geel; en over het geheel 

was een bastaardjurk getrokken van visnetten en boeien. 

Over de auteur:

Mick Imlah (1956-2009) was een Schotse dichter en redacteur. Hij publiceerde twee dichtbundels en stelde meerdere bloemlezingen samen. Hij was verbonden aan het tijdschrift Poetry Review en later aan de Times Literary Supplement. Mede dankzij de inspanningen van auteur Allan Hollinghurst verschenen postuum nog selecties uit Imlahs poëzie en proza.

Over de vertaler:

Mischa Andriessen (1970), schrijver, vertaler, recensent. Publiceert over jazz en beeldende kunst en vertaalde onder meer Graham Swift. Publicaties: Uitzien met D (poëzie, 2008), Huisverraad (poëzie, 2012) en Dwalmgasten (poëzie, 2016). Hij publiceerde proza in De Revisor.