Losgewrikt, in niemands holte
Ik overdrijf niet als ik beweer dat José-Miguel Ullán op eenzame hoogte staat in het Spaanse poëzielandschap van de twintigste eeuw, onder meer omdat hij zich als dichter manifesteerde als een schepper van tegenstellingen. Schrijven legt iets vast maar de lezing van het gedicht moet open zijn, in de holte van niemand (waar de dichter Ullán zich ophield) voelt de lezer de krachtige aanwezigheid van iemand. Ullán verliet zich nooit op zekerheden, zijn werk is een fascinerende opeenvolging van breuken en gebrek aan continuïteit. In de vormen van de dichter wordt niets voorgesteld, de lezer dwaalt door een tactiele en lichamelijke schemerzone, een synthese van taalvormen en registers, die opgespannen zijn in een veeleisende vrije vorm. En Ullán stelt in alle gedichten de vraag: wat kan de poëzie vandaag nog zijn? Hij hanteert de ironie als wapen en als tactiek in het gevecht tegen alle gevestigde, clichématige taalvormen die onze … lees meer