Alles zinkt
Ik ben zeven jaar en sta met mijn zinken emmertje aan het strand van Wijk aan Zee. Ik zing: zink, zink, zink, wat ben je mooi! Er bestaan al emmertjes van plastic, fel gekleurd en vaak ook nog voorzien van plaatjes. Een paar kinderen zag ik er al mee lopen. Geen gezicht. Een zinken emmertje is echter want een grote emmer in het klein. Zoals ik zelf een volwassene ben in het klein, niet meer en zeker niet minder.
Mijn armen zijn bruin verbrand, mijn lippen smaken zout. Mijn kleine voeten worden aangezogen en zinken soppend weg in het natte zand, ik moet ze constant opheffen om in evenwicht te blijven. Zonder evenwicht zal ik ten prooi vallen aan de zee. De zon schijnt fel en een zoel windje strijkt zo zacht en teder door mijn haar dat ik wel kan janken. Ik doe het niet. Janken is taboe, het … lees meer