thema:

Een lamel en Minutenwals

Vertaling:

Lamel VI

Nachtelijke vriend Freud
Wat wegkruipt in me,

diep onder de spiegelzaal,

in de opwindvogel-schacht,

die raamloze ruimte,

in het niemandsland van de lust,

onduidelijk waar,

maar innig omstrengeld

door de twaalfvingerige darm:

dat heb ik maar gedroomd

in een diepe nacht.

En ’s morgens was het

weg uit mijn hoofd,

want ertoe uitverkoren

voor onbepaalde tijd

hier onder mij te vertoeven.

 

Minutenwals

 

Ze heeft de ijzige ogen-

tint van Reinhold Messner,

haar hart slaat warm en toch

leverde ze al twee mannen

bij het hiernamaals af,

ze draagt het liefste

goud en kasjmier shawls

en heeft nog nooit gerookt.

Van haar heb ik die draai

van mijn neus, een Esterházy-gen,

ze weten niet heel goed

hoe d a t tot stand kwam.

Op de piano speelt ze

al lang niet meer

werk van Schumann of

Frédéric Chopin.

Nu duwen zusters

haar door een gang

en ’s nachts pakt ze

haar koffer net als in de oorlog

en wil, en weet

niet wat, waarheen,

of waar ze ligt.

Ze wil alleen.

Over de auteur:

Julia Trompeter (1980, Siegburg) debuteerde in 2014 met de (bekroonde) roman Die Mittlerin. In 2016 volgde haar eerste dichtbundel: Zum Begreifen nah (eveneens bij Schöffling & Co). Zij treedt op in zogenaamde spreekduetten en doet aan de Universiteit Utrecht onderzoek naar antieke ethiek en antieke theorieën over de ziel.

Over de vertaler:

Ton Naaijkens (1953) is vertaler, essayist, redacteur van de tijdschriften Filter en Terras en hoogleraar Duitse literatuur en vertalen aan de Universiteit Utrecht. Hij vertaalde werk van Robert Musil, Paul Celan en Ernst Meister. In 2016 verscheen zijn vertaling van de bundel Chicxulub Paem van Daniel Falb.