Blog, Raster | , februari 9, 2017

Tom Raworth (1938-2017)

Tom Raworth, Brits dichter, overleed gisteren, 8 februari 2017. Hij werd 78 jaar oud.

Tom Raworth werd in 1978 in het Nederlands geïntroduceerd door Peter Nijmeijer, die hem vertaalde en inleidde voor Raster #4. Die bijdrage kunnen we helaas niet plaatsen, er is nooit toestemming tot digitalisering gekregen van al het werk dat Nijmeijer heeft aangeleverd voor Raster – en ook hij is er niet meer.

Ik hoorde voor het eerst van het bestaan van Raworth in 2004, in Marseille, waar voor mijn aankomst een Engelsman verbleef die zijn gedichten sneller voorlas dan de Ramones, maar zonder enig venijn of agressie, gewoon argeloos alsof hij stukjes uit een streekblad oplepelde. In 2012 zag ik hem in levende lijve op het podium in het Literaturhaus aan de Fasanenstrasse in Berlijn. Doordat hij zo snel voorlas, duurde het hele programma amper twaalf minuten, inclusief de Duitse vertaling van Ulf Stolterfoht die die naast hem gezeten voorlas en tussendoor met vriendelijke bewondering naar hem opkeek.

Tom Raworth stond in 1964 aan de wieg van Goliard Press, verantwoordelijk voor veel poëzie-publicaties. Hij introduceerde een aantal betere Amerikaanse dichters in Engeland. Volgens Nijmeijer richtte zijn vroege werk zich net als de popdichters op verstaanbaarheid en begon hij later montage-procedés toe te passen. In structuur en anekdote van het gedicht kwamen letterlijk en figuurlijk gaten. In later werk zouden volgens Nijmeijer ‘gespatieerde naden’ zichtbaar worden. ‘Steunend op een kubistische objectivering van droom en herinnering’ werden zijn gedichten ‘verklaringen en contradicties van momenten’. Dat klinkt behoorlijk abstract, terwijl Tom Raworth zoveel jaren na de  vertaling voor Raster toegankelijk en humoristisch schreef.

Tom Raworth was duidelijk geen ‘Oxbridge poet’. Popteksten en films zijn terug te vinden in zijn werk. Hij ondervond invloed van de Black Mountain poets, maar niet van Charles Olsen omdat, zoals hij zei: “ik werkelijk niet geïnteresseerd ben in het verwerken van overdreven kennis in mijn gedichten. Ik probeer juist het omgekeerde. Ik streef naar een totale leegte en kijk dan wat er binnen die leegte nog klinkt.”

Hierbij parafraseer ik de korte inleiding die ik niet mag digitaliseren en moet zeggen dat die rijmt met die bescheiden en aimabele man die ik zo kort aan het werk zag. Hij mocht dan misschien een wedstrijdje met de Ramones houden, hij straalde niets anders uit dan gemoedelijkheid en vriendelijkheid. In het gedicht ‘Het bloed denkt, en houdt stil’ speelt een perzik een rol die hij kocht op ‘die dag na de oorlog’. Spreker was zeven, de perzik drie kwartjes, hij gaat het huis achterom langs de spoorlijn. De steen van de perzik wordt drooggezogen. Terwijl iemand zit te praten over ‘een poëzie van geweld’ zijn meeuwen op zoek naar perzikpitten. Dit nonchalante en achteloze bleef kenmerkend voor Raworth: anekdotes vol gaten die daarmee rijker worden. De dichtregels lijken afgeknipte stukjes, op de pagina verdeeld. De gaten in het gedicht verbrokkelen ook de anekdote die eigenlijk best consequent doorloopt maar toch onbestemd lijkt, zoals in het gedicht vertaald als ‘De muur’: een Duits meisje; een stem door de radio, haar hand in zijn jaszak omdat het koud is, de aanraking van het naakte koper van een stekker, één enkele auto op het plein en plots kan hij haar Duits feilloos verstaan.

 

Raster 4 (1978) is antiquarisch verkrijgbaar voor wie de gedichten wil lezen. Hij droeg in 2011 voor op Poetry International, waarvan ook de vertalingen niet zijn gedigitaliseerd.

 

 

Over de auteur:

Erik Lindner (1968), dichter en criticus. Recente publicatie: Terrein (poëzie, 2010), Naar Whitebridge (roman, 2013) en Acedia (poëzie, 2014). In het Duits verscheen Nach Akedia (poëzie, 2013) en in het Italiaans Fermata Provvisoria (poëzie, 2013) en Acedia (poëzie, 2016). www.eriklindner.nl In januari 2018 verschijnt bij Van Oorschot Zog, zijn zesde dichtbundel.