thema:

Bloedje, een tekendagboek

Amsterdam, 1 augustus

1_augustus

Snikhete ploeterdag. De maten die ik heb gemeten kloppen niet. Er moest overal een strook vanaf. Heb de diagonale lijnen van het trapezium uiteindelijk langs aan elkaar getapete latjes getrokken. Ben bloednerveus aan het worden, er rest nog maar vijfeneenhalve werkdag.

Twijfel over het idee om gesso met imitatievermiljoen pigment voor de ondergrond van de rand te gebruiken, en met kalkviolet pigment voor de vinger (die niet per se een vinger is). Proefje gemaakt dat enige belofte in zich draagt, maar geen grip biedt. De tijd voor verdere proefnemingen ontbreekt.

Amsterdam, 2 augustus

2_aug_1

9.20 – Vandaag proberen om tot een goede schets voor het littekenpaneel te komen, en de ondergronden van rand en vinger met gesso en wondjes en achtergrond met inkt af te krijgen.

15.30 – Het grove deel van de ondergronden is gedaan. Rand en vinger met gepigmenteerde gesso, achtergrond met inkt. Getwijfeld of rand niet dikker moet, en over het onderlinge ritme van de hechtdraden. Uiteindelijk gekozen voor streng parallel.

Het is heet, 33 graden. Druppels op mijn bovenlip. De punten van de aquarelpotloden die bij het raam in de zon lagen zijn weggesmolten. Schetsen vallen van de muur, tape wordt slap en laat los.

Tussendoor huidproefje gemaakt, bleekroze en barbieroze oliekrijt op donkere inktondergrond. Close-up foto van huid bekeken, en losjes schubbenpatroon gemaakt, beetje grof-geometrisch. Voegen in paars en bruin krijt, daaroverheen witte glimpunten. Linksonder gepoetst om de lijnen te vervagen, als proefje voor het gewenste scherpteverloop naar de zijkant. Van ver heeft het wel wat, van dichtbij is de structuur te plomp. Volgende schets wil ik er een rand van een kledingstuk bijtekenen, textiel met een motief.

Amsterdam, 3 augustus

3_augustus

12.20 – Eerst de wondgaatjes zwarten met inkt en de gesso-loze delen van het kader intekenen met aquarelpotlood. Dan de kale vlakte rond de wondjes, de hechtdraden inkten vóór de oliekrijtribbels van de huid rond de zere plek. Niet vergeten vingercondoom om rechterduim te rollen. Wondje in opkomst, moet geen krijt en inkt bijkomen.

19.00 – Verder gewerkt aan de rand met fluorescerend oranje potlood en aquarelpotlood. Sommige stukjes glimmen al mooi viezig op. De met inkt gezwarte achtergrond afgemaakt met bruin en geel pastelkrijt. Hechtdraden en hechtingswondjes opnieuw geschetst en in inkt geschilderd.

Het papier is nu door alle uitgeveegde schetslijnen in houtskool heel vlekkerig. Met kneedgom gepoetst, maar de vlekken houden stand. Deze zone wil ik met een heel dun waas betekenen, dan blijf je die sporen zien. Ik denk erover morgen rigoureus een laag witte gesso over de hele rommel te schilderen.

Over de auteur:

Richtje Reinsma (1979) is kunstenaar en woont en werkt in Amsterdam. Ze studeerde aan de Rietveld Academie (BA) en het Sandberg Instituut (MA). Haar artikelen verschenen onder meer in Skrien, Mister Motley en Kunstbeeld. Haar beeldend werk was te zien in o.a. Mediamatic, Amsterdam; Onomatopee, Eindhoven en Museum Jan Cunen, Oss. Richtje is medeoprichter van en deelnemer aan de kunstenaarscollectieven Het Harde Potlood en De Parasiet. www.richtjereinsma.nl